Textbox Section

Deel dit bericht

 


Published


Waarschuwing: Ieder vergelijk met de eigen leefwereld berust op louter toeval en wordt, sorry dat ik dit zo stel, gelegd door de eigen associaties van de lezer.

Deel 1 – De probleemstelling

Het is al een aantal jaren ‘bon ton’ om in beleidsstukken binnen het sociaal domein te strooien met de begrippen leefwereld en systeemwereld. Was het vóór de decentralisatie in 2015 nog zo dat dit begrippenpaar voornamelijk gebezigd werd in notities en rapportages van ministeries, vanaf 2015 heeft het begrippenpaar binnen gemeenteland een heuse zegetocht gehouden.

Wellicht is anno 2018 de ‘jeu’ er een beetje af, zijn de begrippen enigszins sleets geworden, maar toch hebben ze zich een vaste plek verworven in de gemeentelijke ‘vocabulaire’. Dit blijkt mede uit het gemak waarmee de begrippen gebezigd worden in workshops, discussies en gebabbel bij de koffieautomaat.

Oké, nou en! Wat is daar erg aan? Op zich niet veel en toch alles. Rondom dit begrippenpaar vallen me twee dingen op.

Ten eerste valt het mij op dat in notities waarin de beide begrippen gebruikt worden deze, als ze al een voetnoot krijgen, vaak toegeschreven worden aan de filosoof / socioloog Jurgen Habermas.

Door te annoteren naar Habermas krijgen de begrippen – en dus ook de notities zelf – een meer gedegen en onderbouwde uitstraling. Ze worden academischer, wetenschappelijker, gewichtiger. Kortom, ze krijgen meer niveau! Ik kan mij echter niet aan de indruk onttrekken dat dit annoteren meer gedreven wordt door het ‘gewichtig’ willen over komen, dan door gedegen eigen onderzoek naar de juistheid van de annotatie.

Daarbij sluit ik niet uit dat in onze ‘copy/paste’ cultuur veel van elkaar wordt overgenomen en notities in elkaar geknutseld worden door simpelweg tekstdelen van verschillende bronnen in elkaar te vlechten. Bij het overnemen van die tekstdelen gaan we er dan vanuit dat de vorige auteur het wel begrepen en geverifieerd heeft.

Dit ‘papagaaien’ heeft voor het begrippenpaar leefwereld en systeemwereld tot gevolg dat deze vaak aan Habermas worden toegeschreven, terwijl Habermas met de begrippen iets anders bedoeld dan de ‘papagaaien’ in hun notities. Sterker nog, Habermas hanteert het begrip systeemwereld zelfs helemaal niet!

Ten tweede is mijn ervaring dat heel veel mensen het begrippenpaar gebruiken zonder verwijzing en/of besef van de achtergrond en herkomst van het begrippenpaar. Dit is een effect van het ingesleten zijn van de begrippen. Ze klinken mooi als paar, je hoort ook andere mensen de begrippen hanteren en neemt dat over in je volgende gesprekken. Niets menselijks is ons vreemd.

Ik heb daarbij wel het beeld dat de begrippen een eigentijdse betekenis hebben gekregen waarin het een aanklacht uitdrukt tegen het onvermogen van de gefragmenteerde en beheersing georiënteerde bureaucratie.

Het gebruik van de begrippen leefwereld en systeemwereld brengt echter ook een ander probleem met zich mee. En dit is misschien wel de kern van het misverstand. Die kern is dat het begrippenpaar wordt gepresenteerd als conflicterende begrippen, als twee separate, parallelle werelden, als een dilemma. We moeten kiezen voor of de leefwereld of de systeemwereld. Maar is dat wel zo?

Dit brengt mij tot twee vraagstukken:

  1. Wat bedoelt Habermas met het begrip ‘leefwereld’, en hoe verhoudt die duiding zich met het begrip ‘leefwereld’ dat binnen het sociaal domein zoveel gebruikt wordt?
  2. Wat moeten we met het begrip ‘systeemwereld’?

Het voert te ver (lees ‘wordt te lang’) om de probleemstelling én beide vragen in één blog te bespreken. Ik kies er daarom voor om er een ‘blog-feuilleton’ in drie delen van te maken. Per week verschijnt een deel. Deze eerste blog dient om de probleemstelling te benoemen. De beide vragen worden in twee opeenvolgende blogs inhoudelijk besproken.

Volgende week.

Volgende week staat het blog in het teken van het begrip ‘Leefwereld’. Ik zal dan de conclusie onderbouwen dat we binnen het sociaal domein in de meeste gevallen iets anders bedoelen dan we annoteren.

Tot volgende week!


Published


Binnen het sociaal domein staat het efficiënter maken van zorg, ondersteuning en administratieve processen hoog op de agenda. Kijk alleen al naar de aanhoudende stroom van initiatieven om de administratieve sores te helpen verlichten. Er worden oplossingen gezocht in het denken in ketens, nieuwe project- en overlegstructuren, het versimpelen van administratieve processen en het koppelen van applicaties.

Het is onze stelling dat daarbij te veel wordt gedacht in kleine, aanvullende oplossingen die als een lappendeken aan elkaar worden genaaid. Met alle rafelrandjes en losse steken van dien. En dat terwijl het beter en efficiënter maken van inhoudelijke en ondersteunende processen vraagt om het (her)ontwerpen van onze bedrijfsprocessen. Dat betekent dat we de administratieve sores alleen kunnen aanpakken door administratieve en verantwoordingsprocessen opnieuw vorm te geven. En dat impliceert dat hetgeen ons inperkt in de mogelijkheden juist ter discussie moeten stellen, in plaats van omzeilen met tijdelijke, gefragmenteerde oplossingen.

Een voorbeeld

Sinds 2018 wordt het landschap van proeftuinen en pilots verrijkt met proeven rondom het robotiseren van administratieve handelingen. Begrippen als RPA (de afkorting van Robotic Software Automation) en Softbot zijn de nieuwe sterren aan het firmament.

De mantra onder RPA is eenvoudig: RPA kan in elk proces worden ingezet, waarbij repeterende handelingen automatisch worden uitgevoerd. RPA is dus slimme software die administratieve handelingen in een gewenste volgorde en frequentie uitvoert.

Voor organisaties die er tegenaan lopen dat voor hun administratieve proces meerdere applicaties nodig zijn (bijv. zaaksysteem, document management systeem, applicatie voor het registeren van de beschikkingen, toewijzingen en contracten) klinkt het voorgestelde ideaal van RPA verleidelijk. Zeker als medewerkers repetitief gegevens in moeten voeren in verschillende applicaties die niet onderling gekoppeld zijn, maar wel allemaal verplicht zijn binnen het applicatie-landschap.

In het zoeken naar oplossingen om administratief dingen slimmer te doen is het huidige applicatie-landschap vaak een gegeven waar niet aan getornd mag worden. Leveranciers van de applicaties binnen het landschap zijn vaak niet bereid om te koppelen met aanliggende applicaties in de keten. En werkprocessen en het functiegebouw bieden vaak beperkt ruimte om langs die kant tot een herinrichting te komen.

Als je tussen al deze elementen – die niet ter discussie lijken te mogen staan – toch een oplossing wil vinden, is het logisch dat je je heil zoekt in aanbod die stelt dat ze het probleem voor je oplossen. Dit nog even naast de mogelijkheid dat het management zich met het toepassen van RPA in de voorhoede van de ‘innovatie’ wil scharen.

Maar voor wat is RPA nu precies de oplossing? Het kan in ieder geval niet zijn dat je met RPA je ICT simpeler maakt. Juist het tegenovergestelde is het geval. Je ICT krijgt met RPA weer een extra lapje op de patchwork-deken die het ICT-landschap doorgaans toch al is. Het lapje, dat de Softbot is, moet vastgenaaid worden tussen twee of meer andere lapjes (lees applicaties). Het wordt dus per definitie complexer.

Een breder verschijnsel

En precies dat is herkenbaar. Ook in de organisatietheorie zien we een vergelijkbaar principe. We zijn geneigd om complexiteit in onze organisaties op te lossen met aanvullende structuren of extra functies, coördinatiemomenten en werkafspraken, in plaats van het aanpakken van de onderliggende complexiteit. En dus is het resultaat dat de complexiteit alleen maar toeneemt; de kans op fouten en verstoringen in het systeem neemt toe, en de mogelijkheid om die verstoren op te lossen neemt af. Vanuit de beste bedoeling dragen we bij aan het probleem.

En ook in onze dagelijkse manier van denken komt dit terug: als we voor bestaande problemen oplossingen zoeken dan zijn we geneigd om te denken vanuit ‘waar we vandaan komen’. Denken vanuit ‘waar we vandaan komen’ is in vele gevallen de modus operandi, waar we intuïtief voor kiezen. We maken problemen behapbaar en zoeken een herkenbare, snel uitvoerbare en eenvoudige oplossing. Voor we het weten maken we de lappendeken die we kwijt willen alleen maar erger.

Kijk maar naar RPA. De softbot moet zodanig worden geprogrammeerd dat het handelingen van de medewerker in verschillende applicaties oppakt en nabootst. Dit impliceert dat die applicaties qua user-interface stabiel moeten zijn; en dus moeten wijzigingen in de user-interface van applicaties automatisch ook in de softbot worden aangepast. En dat programmeren luistert zeer nauw! De lapjes worden met fijne steekjes aan elkaar gezet; het is millimeterwerk. Voor een RPA-toepassing tussen applicaties die zelf nog in ontwikkeling zijn (zoals nog veel voorkomt binnen het sociaal domein), zetten we de kraan dus wijd open voor gigantisch veel meerwerk, onderhoud en permanent ‘oplappen’. De ICT wordt dus niet alleen complexer, het wordt ook duurder!

Conclusie

Het is onze stelling dat bij het verbeteren van organisaties, systemen en administratieve processen in het sociaal domein te veel wordt gedacht in kleine, gefragmenteerde oplossingen die als een lappendeken aan elkaar worden genaaid. Met alle rafelrandjes, losse steken en herstelwerkzaamheden van dien.

Willen we de administratieve sores waar we ons dagelijks aan ergeren echt innovatief of zelfs radicaal aanpakken, dan moeten we onze systemen gaan ontwerpen. Dus waar willen we naar toe en wat hebben we nodig om dat te realiseren? En dat impliceert dat we dat wat ons inperkt juist ter discussie moeten stellen: de lappendeken van het applicatienetwerk lossen we niet op met extra lapjes, maar met het herontwerpen van onze bedrijfsprocessen en dus ons applicatienetwerk. Ook al is dat niet de makkelijkste weg, kiezen voor het extra lapje is op z’n best een tijdelijke en in het ergste geval een schijnoplossing.

We moeten op zoek naar leveranciers die tornmesjes aanbieden, geen lapjes!


Published


Het schakelteam personen verward gedrag is gestopt, maar het werk gaat door in de regio’s!
De eindrapportage van het schakelteam personen met verward gedrag is afgelopen donderdag verschenen. Het schakelteam stopt, maar het werk gaat door in de regio’s! De praktijk is weerbarstig en de kennisvraagstukken zijn groot.

Daarom kunnen gemeenten, welzijnsorganisaties, wijkteams, GGZ-organisaties en alle andere ketenpartners via een eenvoudige aanvraag bij ZonMw kosteloos geselecteerde experts inschakelen via de Vliegende Brigade. Ook collega’s van jb Lorenz zijn als expert beschikbaar. Lees hier een interview met de gemeente Roermond die ondersteund werd door Bianca den Outer vanuit de Vliegende Brigade.

Onderzoek wijst uit: er is een grote behoefte aan kennis over GGZ in de wijk
Daarnaast wijst recent onderzoek van Nivel uit dat medewerkers in het gemeentelijke domein de signalering en ondersteuning van mensen met psychische en psychiatrische problemen, een licht verstandelijke beperking en/of multi problematiek lastig vinden. Daar komt bij dat er sprake is van een toename van deze doelgroep die gezien wordt door de (sociale) wijkteams.

Trainingen op maat, geaccrediteerd door ZonMw
Om het zorgveld in het sociaal domein tegemoet te komen en te helpen bij deze veranderende verantwoordelijkheden, kunnen gemeenten en hun partners nu ook kosteloos een op maat gemaakt trainingsplan laten ontwikkelen door ons voor medewerkers werkzaam binnen het gemeentelijk domein. Wij hebben alvast 8 basis trainingen ontwikkeld, zodat er ook direct gestart kan worden met trainen.

We zijn trots dat deze trainingen geacrrediteerd zijn door ZonMw. Dit voelt als een blijk van vertrouwen in onze expertise!

Concrete tools en kennis om GGZ in de wijk te organiseren
De Academie Sociaal Domein van jb Lorenz heeft een trainingsaanbod ontwikkeld voor wijkteams en gemeenten om hen daarin te ondersteunen. We helpen grip te krijgen op de ontwikkelingen tot 2021, geven wijkteams concrete tools hoe om te gaan met bijvoorbeeld een niet-pluis gevoel en werken schouder aan schouder met professionals aan het ontwikkelen van duurzame samenwerkingsverbanden om GGZ in de wijk vorm te geven.

Bekijk hier het trainingsaanbod GGZ in de wijk en de subsidiemogelijkheden

Inhoudelijke vragen of geinteresseerd om met ons een trainingsplan op te stellen?
Wilt u meer informatie over ons trainingsaanbod, een training op maat en de financiering vanuit ZonMw? Bel Ingrid Schepers via 010-3040186 of mail via ingrid@jblorenz.nl.

Wat is de Academie Sociaal Domein?
De Academie Sociaal Domein – onderdeel van jb Lorenz – versnelt het lerend vermogen van mensen in het sociaal domein door middel van praktische trainingen waar wetenschappelijke inzichten verbonden worden aan praktische uitvoering. Nieuwsgierig geworden? Kijk op www.academiesociaaldomein.nl.