Textbox Section

Deel dit bericht

 


Published


Een blog over seksueel geweld tegen vrouwen in Nederland

 Op 5 oktober 2018 heeft gynaecoloog Denis Mukwege de Nobelprijs voor de Vrede in ontvangst mogen nemen. Hij heeft deze prijs gekregen wegens zijn jarenlange strijd tegen seksueel geweld dat in veel landen als oorlogswapen wordt ingezet. Hij heeft in 1999 zijn eigen stichting opgezet en inmiddels meer dan 50.000 vrouwen geholpen met hersteloperaties aan de vagina, die nodig waren vanwege bruut seksueel geweld. Op 27 november was Mukwege in Nederland en stond er een gesprek gepland met de Tweede Kamer om te praten over zijn werk en de gevolgen van de misdaden die plaatsvinden. Maar wat schetst mijn verbazing? Slechts drie kamerleden kwamen opdagen om naar zijn verhaal te luisteren. Is dat omdat er verondersteld wordt dat de problemen die Mukwege met zijn stichting beoogt op te lossen, hier in Nederland niet bestaan? Want dat is bepaald niet het geval…… In Nederland zijn meer dan 55.000 vrouwen besneden. Met deze blog wil ik een lans breken voor de problematiek waar deze vrouwen mee van doen hebben en doe ik een oproep: Voortaan geen smoesjes meer over vergaderingen en vragenuurtjes maar prioriteiten stellen en de bezoeken van autoriteiten op het gebied van seksueel geweld serieus nemen.

 Onderzoek: we zetten stappen maar we zijn er nog lang niet

In 2017 heb ik zelf onderzoek gedaan naar een vorm van seksueel geweld tegen vrouwen: vrouwenbesnijdenis. Vrouwenbesnijdenis wordt mondiaal beschreven als “zonder medische noodzaak gedeeltelijk of volledig verwijderen van de uitwendige vrouwelijke geslachtsorganen of het aanbrengen van ander letsel aan de vrouwelijke geslachtsorganen”. Omdat er in Nederland veel onderzoek op basis van cijfers en schattingen is gedaan, wilde ik middels persoonlijke één op één gesprekken achterhalen hoe besneden vrouwen zelf betekenis geven aan hun ervaring met de besnijdenis, vanuit welk perspectief zij dit benaderen en of vrouwenbesnijdenis bij in Nederland gevestigde en/of geboren vrouwen voorkomt.

We zetten stappen, maar we zijn nog lang niet zo ver dat we gerust kunnen zijn dat de kans nihil is dat vrouwen die in Nederland wonen, worden besneden. Er leven meer dan 55.000 vrouwen in Nederland die besneden zijn. Mijn verbazing over de lage opkomst vanuit de Tweede Kamer bij het bezoek van Denis Mukwege heeft mijn innerlijke strijd dan ook weer sterk aangewakkerd om op te komen voor het seksuele geweld tegen vrouwen. Het onrecht wat vrouwen wordt aangedaan is niet te bevatten.

De uitkomsten liegen er niet om. Allereerst bleek dat de waarden die we in Nederland hangen aan integriteit van je eigen lichaam en autoriteit over je eigen keuzes, grotendeels worden overgenomen door de vrouwen die ik geïnterviewd heb. Zij keren zich unaniem af tegen het deel van hun cultuur dat bepaalt dat vrouwen besneden moeten worden en zijn tegen vrouwenbesnijdenis. Ook weten zij en hun familie en omgeving heel goed dat vrouwenbesnijdenis in Nederland verboden is. Toch wordt in bepaalde kringen druk ervaren om meisjes te laten besnijden. Het weerstaan van die druk is heel lastig omdat de invloed van familie en omgeving in bepaalde culturen hoog is. Als individu heb je daar weinig tegen in te brengen. Ondanks deze druk lijken de geïnterviewde vrouwen allen zo sterk om hun dochters te beschermen. Maar dat geldt niet voor alle besneden vrouwen in Nederland.

Oproep: meer specifiek onderzoek

Mijn eerste oproep is dan ook om specifiek meer onderzoek te doen naar de Soedanese gemeenschap in Nederland in de context van vrouwenbesnijdenis. Meerdere malen gaven vrouwen aan dat zij niet met dochters naar Soedan durven omdat zij bang zijn dat hun kind zonder hun toestemming wordt besneden. Ook gaven meerdere vrouwen aan dat wanneer Soedanese meisjes de leeftijd van 18 bereiken, zij onder druk van hun familie uit Soedan en vanuit hun omgeving in Nederland naar Soedan gaan om zich alsnog te laten besnijden. Tenslotte gaven de vrouwen voorbeelden van kennissen uit hun netwerk, die besneden waren, hier in Nederland leven, zijn bevallen in Nederland, maar zich na de bevalling onder druk van hun man, weer opnieuw laten besnijden. Een absurde situatie, zowel dat opgroeiende jonge vrouwen onder de druk bezwijken en naar Soedan gaan om zich te laten besnijden als dat vrouwen die kinderen hebben gekregen, zich opnieuw laten besnijden om hun man aan zich te binden. Extra onderzoek naar de Soedanese gemeenschap in Nederland lijkt mij dan ook noodzakelijk.

Gezondheidszorg voor vrouwen die besneden zijn, is onder de maat

Als tweede belangrijk punt werd heel duidelijk dat ondanks dat de gezondheidszorg in Nederland wel bezig is met preventie en voorlichting, de vrouwen onvoldoende hulp kunnen krijgen bij de lichamelijke en psychische klachten die zij hebben door hun ervaring met de besnijdenis. Dagelijks ervaren zij de gevolgen die de besnijdenis met zich meebrengt. Problemen met plassen en aan de urinewegen, met menstrueren, het hebben van seks etc.. Zij gaven aan dat de dokters in het land onvoldoende kennis hebben van vrouwenbesnijdenis. Hiermee werd algemene kennis bedoeld, maar ook specialistische kennis voor het kunnen herstellen van de vagina. Zij durven hierdoor niet goed naar hun eigen dokter te gaan om geholpen te worden, voor zowel lichamelijke als psychische hulp. Daarbij wordt de hersteloperatie tot op heden niet vergoed[1] vanuit de basisverzekering en is psychische hulp lastig omdat de taal vaak een barrière is. Mijn tweede oproep is dan ook het gesprek aan te gaan over het goed inrichten van de verschillende vormen van hulp en nazorg die besneden vrouwen in Nederland nodig hebben.

[1] Op 15 oktober 2018 is wel opnieuw aandacht gevraagd door Sjoerd Sjoersma om hersteloperaties op te nemen in het basispakket zoals 4 jaar geleden al beloofd, maar tot op heden is er nog geen besluit over genomen.
De gebruikte foto is van www.seksueelgeweld.nl


Published


Om gemeenten te compenseren voor financiële tekorten op voogdij en 18+, heeft het ministerie van VWS een compensatieregeling ingesteld. Jb Lorenz heeft de compensatieregeling in opdracht van het ministerie van VWS ontworpen en verzorgt sinds enkele jaren voor verschillende jeugdhulpregio’s de aanvraag. Door onze kennis en ervaring, hebben wij een 100% score als het gaat om teruggave van middelen als u voldoet aan de voorwaarden van de regeling. Wij kunnen ook voor uw jeugdhulpregio vaststellen of u recht heeft op teruggave en u volledig ontzorgen bij het aanvraagproces. Hierover, en over de compensatieregeling zelf, leest u meer in de factsheet die u hier kunt downloaden.

Aanleiding compensatieregeling voogdij en 18+

Binnen de Jeugdhulp wordt jaarlijks 0,5 miljard aan financiële middelen voor de voogdijmaatregel en meerderjarigen (die op grond van de Jeugdwet nog jeugdhulp ontvangen) historisch verdeeld tussen gemeenten. Dit gebeurt op basis van een T-2 systematiek; het budget voor bijvoorbeeld het jaar 2020 wordt vastgesteld op basis van de kosten en uitgaven in 2018. De bron voor deze kosten en uitgaven is beleidsinformatie die zorgaanbieders aanleveren aan het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS).

Om tegemoet te komen aan het verschil dat gemeenten ervaren tussen het budget dat zij krijgen toegewezen op grond van de beleidsinformatie van zorgaanbieders en de werkelijke kosten voor voogdij en 18+, kunnen gemeenten een compensatie aanvragen voor hogere uitgaven.

Dat betekent dat wanneer gemeenten kunnen aantonen dat zij een tekort hebben op hun budget voor voogdij en/ of 18+ door toedoen van onjuiste of onvolledige beleidsinformatie, zij via deze regeling in aanmerking komen voor compensatie.

De aanvraag voor compensatie van het budget 2020 dient vóór 1 oktober 2019 te zijn ingediend. Het aanvraag-format is op aanvraag bij het ministerie van VWS beschikbaar.

Download de factsheet hier. Deze bevat een toelichting op de inhoud, de beoordelingscriteria en de aanvraagprocedure van de compensatieregeling.

Contact over de compensatieregeling voogdij en 18+

Meer informatie over de compensatieregeling of ondersteuning bij de aanvraag? Neem gerust contact op met Rob Neefs via Rob@jblorenz.nl of 010-3040186. Hij denkt graag met u mee.


Published


Op 4 november zat Bianca den Outer namens jb Lorenz aan tafel om te praten over “Vier jaar na de transitie”. Wat is de stand van zaken? Het werd een levendige discussie met Eelco Eerenberg (wethouder Enschede), Jeroen Olthof (directeur de Jutters Lucertis), Marion Smit (directeur Jeugd VWS) en Ans van der Maat (NJI).

De kwestie waar we onder leiding van Kim Coppes drie kwartier over in gesprek zijn geweest:

Veel gemeenten zien de kosten voor en vraag naar jeugdhulp nog toenemen. Wat is het perspectief als er niet meer geld beschikbaar komt? Wat zijn alternatieve strategieën? Is preventie hèt antwoord? Gaat het Transformatiefonds helpen?

Het volledige rondetafelgesprek duurt ruim 45 minuten en is hier terug te kijken.

 

Onze nabeschouwing van het rondetafelgesprek

Omdat in drie kwartier niet alles even goed en diep aan de orde kan komen, hebben we een nabeschouwing gemaakt over het rondetafelgesprek “Vier jaar na de transitie”.

jb Lorenz is vanaf het begin zeer nauw betrokken bij de transities. In 2014 en 2015 is Bianca als onafhankelijk expert verbonden geweest aan het ondersteuningsteam decentralisaties, een samenwerkingsverband van het Ministeries van VWS en Binnenlandse Zaken en de VNG. In die hoedanigheid heeft zij bijna alle sturings- en bekostigingsvraagstukken rondom jeugdhulp opgepakt.

Samenvattend: hoe gaan we leren van 4 jaar transitie?

  1. Regio’s: ga naar de eigen plek der moeite. Geïnspireerd worden door andere regio’s is leuk, maar niet heel effectief. Zorgaanbieders, gemeente en andere partijen moeten vooral heel goed gaan kijken in de eigen regio wat er nodig is om zorg en ondersteuning voor kinderen en gezinnen beter en anders te organiseren. Over de eigen plek der moeite schreven we eerder een blog.
  2. Wethouders: maak de decentralisaties politiek en voer dus het politieke debat.
  3. Betrek veel meer ouders en kinderen bij de manier waarop zorg en ondersteuning georganiseerd zou moeten worden.
  4. De gemeenteraad een hele expliciete rol geven: hoe willen jullie toezicht houden op het zorgstelsel in de lokale verzorgingsstad en hoe gaan we lastige keuzes maken?

Heb je nog vragen, tips of opmerkingen laat ze ons weten!

Je kunt de hele nabeschouwing hier kijken.