Published


Een aantal weken geleden heb ik het eerste deel uit de blokreeks ‘Vertrouwen vertrouwen’ op LinkedIn gezet. Aanleiding voor het starten van deze reeks was een artikel op de site van het VNG Magazine met als titel “Gun gemeenten ruimte en vertrouwen”. Ik sloeg aan op het woord ‘vertrouwen’. Dat kwam mede omdat het woord ‘Vertrouwen’ de laatste maanden te pas en te onpas opduikt in artikelen over het sociaal domein.

In het eerste blog ben ik ingegaan op de zienswijze die filosoof Onora O’Neill op het thema ‘vertrouwen’ heeft. Dat blog koppelt het begrip ‘Vertrouwen’ aan het begrip ‘Betrouwbaarheid’.

In het tweede blog uit de reeks diepte ik de relatie tussen de begrippen ‘vertrouwen’ en ‘betrouwbaarheid, verder uit. Ik doe dat vanuit het perspectief van de gemeente; vanuit de verantwoordelijkheid die de gemeente binnen het speelveld van het Sociaal Domein heeft.

Met dit derde blog sluit ik de reeks over het begrip ‘Vertrouwen’ af.

In de zoektocht in de afgelopen weken en de gesprekken die ik met eenieder gevoerd heb is mij duidelijk geworden dat het best wel een heilloze weg is om te onderzoeken wat vertrouwen is. We geven er samen zoveel verschillende duidingen aan dat het welhaast onvermijdelijk is om te moeten concluderen dat we het te pas en te onpas gebruiken, maar eigenlijk niet weten wat het woord betekent. Laat staan dat we onderling het dezelfde betekenis geven. Dit zou ook zomaar kunnen gelden voor de meeste waarden waar de dagelijks de mond vol van hebben.

In dit kader wil ik een andere invalshoek kiezen. De filosoof Kierkegaard heeft ooit geprobeerd te onderzoeken wat Liefde is. Hij kwam daar niet uit. Hij heft toe de shift gemaakt naar ‘Wat liefde doet’. Daar kon hij wel mee vooruit. Vergelijkbaar hieraan wil ik de shift maken van ‘Wat vertrouwen is’ naar ‘Wat vertrouwen doet’.

Wat doet vertrouwen?

Op mijn rondgang met de vraag ‘wat het krijgen van vertrouwen met iemand doet’, merkte ik bij veel mensen direct heel veel positieve energie stromen. Gezichten fleurden op, veelal rekte met de rug en verscheen een ontspannen glimlach. Tot de antwoorden behoorden:

  • Het geeft een Go!
  • Het geeft een drive!
  • Het geeft energie om aan de slag te gaan.
  • Het geeft het gevoel jezelf te kunnen ontstijgen.

Kortom, het ontvangen van vertrouwen roept veel stimulerende gevoelens op en geeft positieve energie. Dit wordt nog versterkt als er onder het gegeven vertrouwen de vraag gesteld wordt ‘Wat heb jij nodig?’ Hiermee wordt ook ruimte gegeven om je eigen professionaliteit de ruimte te geven.

Toch kreeg ik ook reacties die blijk geven van een gevoelens van schaamte. Met name als de ontvanger van het vertrouwen zelf het beeld heeft het vertrouwen niet waardig te zijn of niet waar te kunnen maken. Iets om alert op te zijn.

Doorgaans echter is het uitspreken van vertrouwen alleen al een middel om het gedrag van mensen te beïnvloeden, zich coöperatief op te stellen en tot daden te brengen. Al was het alleen maar om in de ontvanger zich een gevoel te laten nestelen in het gegeven vertrouwen niet teleur te stellen.

Of het gegeven vertrouwen dan oprecht is of alleen een kwestie van woorden doet er eigenlijk niet toe. Het moet in ieder geval wel gemeend zijn. Door te doen alsof we iemand vertrouwen roepen we gedrag dat de betrouwbaarheid voedt. Als je het in een specifiek geval nog niet zeker weet, geef die persoon dan het voordeel van je twijfel.

Het nadeel van je twijfel geven (iemand wantrouwen) roept per definitie niet het gewenste ‘Vertrouwen’-gedrag op, maar waarschijnlijk juist het niet gewenste ‘wantrouwen-gedrag. En is in die zin dus een neerwaartse spiraal.

Wie meer wil lezen over de kwestie ‘Vertrouwen’ verwijs ik graag naar Diego Gambetta. Gambetta heeft dit begrip onderzocht binnen een deel van de samenleving waar alles om vertrouwen draait; de maffia. En daar is nog heel wat van te leren.